Zakelijk Blog

Alles over het zakelijk leven!

Kenmerken en verzorging vijgenboom

Kenmerken en verzorging vijgenboom

De vijgenboom heeft grote bladeren, die ongeveer 30 cm lang zijn en 25 cm breed. Het blad van de vijgenboom is donkergroen en is van boven en onderen behaard. Aan de onderkant van het blad zie je witte nerven lopen. Het blad is drie- tot vijflobbig.

De vijgen

Als de struik of de boom zich prettig voelt en ook voldoende zon krijgt zal hij beginnen met het vormen van vijgen. De vijgen zijn peervormig en groen van kleur. Zodra ze rijp zijn, zijn de vijgen zwart van kleur. Je kunt de vijgen direct van de boomt eten, of ze laten uitdrogen. Vijgen zijn laxerende vruchten. Vijgen kunnen tot een vorst van -7 graden celsius verdragen. Vogels zijn ook heel erg dol op vijgen, dus als je de vijgen zelf wilt kunnen oogsten kan het nodig zijn de vruchten voor vogels af te schermen door een groot net te gebruiken.

Het snoeien van de vijgenboom

Je kunt de vijgenboom ook gemakkelijk snoeien. Het is wel verstandig om handschoenen te dragen, aangezien de huid en ogen allergische reacties kunnen vertonen. Er zijn wel verschillende vormen van snoei;

  • Vruchtsnoei: ieder jaar moeten de vruchtdragende takken getopt of gehalveerd worden. Ook kunnen te lange en te sterk groeiende scheuten gesnoeid worden. Verder is het ook van belang om oude, niet vruchtdragende takken te verwijderen.
  • Vormsnoei: je kunt de boom snoeien in de door jou gewenste vorm
  • Wortelsnoei: door de wortels in te korten tot een meter in de omtrek kun je de groei van de boom afremmen. Je doet dit door met een schep rondom de boom in de grond te steken op een meter afstand van de stam.

Het vermeerderen en besmetten

Neem één- of tweejarige stekken van de plant (neem takken zonder bloemen of vijgen) en plaats ze in het water. Zodra er flink wat wortels aan zitten, zet je de tak in potgrond met één derde deel klei. Geef voldoende water en zorgt er ook voor dat de temperatuur 20 graden celsius is. Geef in het voorjaar ook mest en kalk. Voor een niet al te sterke groei niet teveel bemesten.